Aanpak genderstereotypering nodig om loonkloof te doorbreken

nieuws Aanpak genderstereotypering nodig om loonkloof te doorbreken

De loonkloof tussen mannen en vrouwen is gedaald van 16,1% (2014) naar 15,5% (2016). Uit het CBS-rapport Monitor loonverschillen mannen en vrouwen, 2016 blijkt echter dat dit voor de gecorrigeerde loonkloof, waarin gecompenseerd wordt voor kenmerken als opleidingsniveau, beroepsniveau, arbeidsduur en werkervaring, niet het geval is. Het lijkt erop dat genderstereotyperingen een belangrijke rol spelen bij de stagnatie van het doorbreken van de loonkloof tussen mannen en vrouwen.

Belang van doorbreken genderstereotypering

Het verminderen van de ongecorrigeerde loonkloof is hoogstwaarschijnlijk te danken aan het stijgende opleidingsniveau van vrouwen ten opzichte van dat van mannen. Vrouwen zijn gemiddeld hoger opgeleid en verdienen hierdoor bij aanvang van hun carrière ook meer dan mannen. Dat dit positieve (geringe) inkomensverschil niet voort blijft bestaan, is waarschijnlijk te wijten aan het feit dat vrouwen na de geboorte van kinderen structureel minder gaan werken of tijdelijk stoppen met werken. Deze keuze heeft gezien het hoge inkomens- en opleidingsniveau van vrouwen weinig van doen met een rationele kosten-baten afweging. Het zou immers financieel voordeliger zijn als de minderverdienende man een stapje terug zou doen qua arbeidsuren.

De genderstereotypen van de man als kostwinner en de vrouw als primaire verzorger van de kinderen, blijken, wanneer we naar deze cijfers kijken, dan ook hardnekkig. Het doorbreken van deze genderstereotypen is dan ook een belangrijke fundamentele voorwaarde voor het verder verkleinen van de loonkloof.

Beloningsdiscriminatie

Het resterende, ‘onverklaarde loonverschil tussen vrouwen en mannen’ is echter nagenoeg gelijk gebleven. Dit loonverschil geeft een voorzichtige indicatie van het bestaan van ongelijk loon voor gelijkwaardige arbeid, oftewel, beloningsdiscriminatie (CBS 2018, 7). Hoewel het sinds 1 maart 1980 verboden is in Nederland om mensen verschillend te belonen voor hetzelfde werk, gebeurt het dus nog steeds, én onverminderd, zo toont het CBS aan.

Het is aannemelijk dat gendervooroordelen jegens vrouwen een cruciale rol spelen in de lagere inschaling van vrouwen ten opzichte van mannen

stelt Esther de Jong, hoofd beleidsadvisering van Atria.

Effect van gendervooroordelen

Nader onderzoek over de manieren waarop en op welke schaal die genderstereotypen en vooroordelen een rol spelen is nodig om meer inzicht te krijgen. Maar vooral ook naar manieren om dit mechanisme te doorbreken. “Wat we wel weten is dat ‘niet-neutrale maatstaven’ voor het bepalen van iemands inkomen, van belang zijn bij de totstandkoming van beloningsongelijkheid.” Zo is middels door onderzoek aangetoond dat vrouwen in de regel als minder kundig en niet als leider worden gezien. Uit onderzoek van het College voor de Rechten van de Mens blijkt dat vrouwen hierdoor het risico lopen dat hun werkervaring als minder relevant wordt gezien voor de functie dan de werkervaring van mannen. Ook toont het College aan dat een eenmaal lagere  inschaling, leidt tot een structureel lagere inschaling. Bij een nieuwe loonsbepaling wordt namelijk vaak gekeken naar het laatstverdiende loon. Zo blijft de ongelijke beloning doorwerken in de gehele loopbaan.

”Vaak wordt beweerd dat vrouwen niet of slecht onderhandelen over hun salaris. Onderzoek van het FNV toont echter aan dat vrouwen wel degelijk onderhandelen, maar minder vaak het gewenste resultaat behalen. Ook hierbij wreekt het zich dat vrouwen geacht worden zich bescheiden op te stellen”, aldus Esther de Jong. Behalve voor nader onderzoek pleit De Jong ook voor de ontwikkeling van gerichte interventies die genderstereotypering en gendervooroordelen weerleggen. “Het lijkt erop dat dit van cruciaal belang is bij het verder doorbreken van de loonkloof tussen mannen en vrouwen.”

Lees verder

Factsheet loonkloof

Delen:

Gerelateerde artikelen