Vrouwenarbeid verbeeld door een man

blog Vrouwenarbeid verbeeld door een man

Dat de Nationale Tentoonstelling van Vrouwenarbeid van 1898 de hulp van kunstenaars nodig had, was duidelijk. De initiatiefnemers wilden promotiemateriaal voor de expositie ontwikkelen. Het was de eerste keer dat ze zoiets deden en de organisatie moest een weg vinden in het aanzoeken van kunstenaars. Het liefst kunstenaressen, want de tentoonstelling was voor en door vrouwen.

Het doel van het Haagse evenement was om de publieke opinie ten aanzien van arbeid door vrouwen positief te beïnvloeden en om hun arbeidskansen te verruimen. Het is nu moeilijk voor te stellen, maar het was toen een radicale actie om de maatschappij uit te dagen tot erkenning van arbeid door vrouwen. De organisatrices pakten daarom flink uit met acties. Een van de wervingscampagnes betrof een loterij. De poster hiervoor werd gemaakt door de beroemde kunstenaar Jan Toorop. Maar waarom werd de affiche door een man ontworpen en niet door een vrouw? Vergeleken met de Britse strijd voor vrouwenkiesrecht en de beeldende propaganda, die daar vaak werd gemaakt door vrouwelijke illustratoren, valt op dat dit bij de Nederlandse reclame voor vrouwenarbeid minder het geval was.

Wat beeldt de affiche uit?

De vrouw in het midden staat prominent op de voorgrond; de vrouwfiguren aan de zijkanten zijn kleiner getekend. Sommige ogen mismoedig en boven hen torent een vervaarlijke vrouwelijke sfinx uit. Wat heeft Toorop hiermee willen uitdrukken?
De centrale figuur is het meest belangwekkend. Het portret van deze vrouw had Toorop in 1897 al getekend. Hij paste dit later toe op de loterijaffiche. Waarschijnlijk heeft hij het lichaam met de jurk, zoals in die tijd in de mode en gedragen door vrouwen van de bourgeoisie, er separaat bij getekend. De vrouwfiguren aan de zijkanten stellen de arbeiders voor. In 1898 verkeerden zij nog steeds aan de kansarme kant van de maatschappij.

De organisatrices van de Tentoonstelling waren zelf voornamelijk afkomstig uit de gegoede middenklasse en richtten de expositie in eerste instantie op deze groep. Van vrouwen uit de arbeidersklasse verwachtten zij geen belangstelling. Na felle kritiek van socialistische vrouwen zoals Henriette Roland Holst stelden zij hun doelstelling bij. Toch bleef de inlijving van arbeiders lastig. Zo was bijvoorbeeld de toegangsprijs van de expositie te hoog. Toorop had dit goed gezien. Hij heeft de achtergestelde positie van de arbeiders willen uitbeelden. Zijn kunstwerk was in feite een kritische noot op de organisatie.

De figuur van de sfinx bevestigt deze theorie. Volgens Toorop vertegenwoordigde deze figuur “het symbool van het levensmysterie. Zij, die geheel onder de klauwen van de Sphinx gebukt gaan, zijn de wezens van lagere orde”. De klauwen van de sfinx op de affiche grijpen de hoofden van deze lagere orde, de arbeiders.

Hoe is de bestelling voor de affiche bij Jan Toorop terecht gekomen?

Mogelijk heeft Toorop de opdracht via zijn Haagse netwerk verkregen en is deze mondeling tot stand gekomen. Hij verleende zijn bijdrage belangeloos. Dit feit en de manier waarop hij zich tot vrouwen verhield in zijn kunstwerken, spreekt voor zijn steun. Hij zag vrouwen als het symbool voor sociale verandering.
De organisatrices hebben echter wel degelijk geprobeerd om vrouwelijke kunstenaars te werven. Dat laten de brieven van de academies voor beeldende kunsten zien, die zijn bewaard in het archief van Atria. De scholen reageerden op een oproep of meisjes mee wilden doen met de decoratie van de tentoonstelling. Van de 14 aangeschreven instanties zegde er slechts één de deelname toe. De anderen lieten weten dat hun onderwijs niet toestond om hun leerlingen te laten deelnemen of dat er in het geheel geen of te weinig vrouwelijke leerlingen in hun instelling aanwezig waren. Dit is een goede verklaring waarom mannelijke kunstenaars voor de Nationale Tentoonstelling van Vrouwenarbeid werkten. Er waren in 1898 nog onvoldoende vrouwen opgeleid in de toegepaste kunst.

En daarna?

Vijftien jaar later trad de vrouwenbeweging opnieuw in de openbaarheid met een grote manifestatie, namelijk met de Tentoonstelling De Vrouw 1813-1913. De visuele verbeelding van de arbeidersklasse was toen anders vormgegeven en het klasse-onderscheid minder prominent. Wel participeerden er meer vrouwen in de ontwerpen voor de promotieproducten in 1913. In Nederland waren inmiddels nieuwe nijverheidsscholen opgericht met plek voor meisjes.

Ria Winters is verbonden aan de Universiteit van Amsterdam. Zij is onderzoeker geschiedenis en kunstenares. Haar publicaties zet zij kracht bij met eigen illustraties.

Onderzoekers en studenten laten zich inspireren door de collectie

Regelmatig bloggen onderzoekers en studenten over de parels die ze tegenkomen in de collectie. Laat je inspireren door onze bibliotheek en archief, pak je creatieve pen op en begin met bloggen voor Atria!
Voor meer info kun je een mail sturen naar pr@atria.nl

 

Delen:

Gerelateerde artikelen