De vele gezichten van misogynie

Misogynie wordt vaak omschreven als vrouwenhaat. Toch is misogynie niet altijd even makkelijk te herkennen, evenals dat de definitie van misogynie onderwerp van discussie is. Misogynie kent vele facetten, en manifesteert zich in verschillende domeinen van ons (dagelijks) leven: online, in het privéleven, in de politiek, en in de media. In dit artikel kijken we in de ‘black box’ van misogynie om beter inzicht te krijgen in de verschillende vormen ervan.

Wat is misogynie?  

De van Dale definieert misogynie als “vrouwenhaat” (van Dale online, 2026). Het woord ‘misogynie’ komt uit het oude Grieks: miseo (μισέω = haten) en ginie (γυνή = vrouw). Maar zou een man die een vrouw slaat van zichzelf zeggen dat hij (alle) vrouwen haat? Hij heeft vast een zorgzame moeder, een lieve dochter of een coole vrouwelijke collega. Patriarchale gendernormen zijn vol liefde voor onderdanige vrouwen in dienst van de man. In de woorden van Trump: "Ik heb veel vrouwelijke leidinggevenden [in dienst]. Zij leveren uitstekend werk. Ik betaal hun een enorm salaris. Zij verdienen geld voor mij." (Viebeck, 2015).  

Als misogynie uitsluitend wordt opgevat als vrouwenhaat, lijkt bijna niemand misogyn. Kate Manne, filosoof en feministisch professor aan Cornell University en auteur van het veelgeprezen boek Down girl: The Logic of Misogyny, stelt dat misogynie moet worden gedefinieerd als systemisch fenomeen. Dat wil zeggen, dat misogynie manifesteert zich niet in incidentele uitingen van individuen maar een fenomeen is dat diep verankerd zit in structuren, instituten en de heersende cultuur in de samenleving. Volgens Manne moeten we misogynie zien als de handhavende tak van een patriarchale orde (Manne, 2016). Daarmee bedoelt ze dat misogynie het mechanisme is dat iedereen disciplineert wie traditionele genderorde ter discussie stelt of machtsverhoudingen uitdaagt.  

Niet alle vrouwen worden in dezelfde mate of op dezelfde manier met misogynie geconfronteerd. Voor vrouwen van kleur, vrouwen die behoren tot (religieuze) minderheden, transvrouwen of vrouwen die niet traditioneel feminien uitzien of zich gedragen, kan misogynie verweven zijn met racisme, discriminatie op grond van religie, transfobie of andere vormen van uitsluiting. Vanuit een intersectioneel perspectief, zijn deze vormen van discriminatie niet los van elkaar te zien, omdat zij zich opstapelen en elkaar versterken (Loewen Walker 2024).  

Misogynie versus seksisme

Professor Kate Manne onderscheidt misogynie van seksisme: misogynie handhaaft, seksisme rechtvaardigt. Seksisme is een ideologie die de dominantie van de man over de vrouw als ‘natuurlijk’ voorstelt. Zo leeft bijvoorbeeld het idee dat vrouwen van nature zorgzamer zijn dan mannen, terwijl mannen beter zouden zijn toegerust om kostwinner te zijn. Misogynie is als het ware de agressieve toezichthouder, bewaker en handhaver van deze ideologie. Zolang een vrouw gehoorzaam, dienstbaar en zorgzaam blijft heeft een man volgens deze redenering überhaupt geen reden om vrouwen te haten. Maar als een vrouw “haar plek niet kent”, fluit de misogyne man (of vrouw) haar terug. Met andere woorden, als een vrouw de patriarchale genderrolverdeling overschrijdt, vindt de misogyne man daar wat van. Dat gebeurt bijvoorbeeld wanneer vrouwen die politieke leiderschapsrollen vervullen worden uitgescholden, geïntimideerd of niet serieus worden genomen. Binnen de misogyne logica heeft een man die een vrouw slaat daar vast ook wel een reden voor: zij zou hem wellicht hebben geprovoceerd (ging zij vreemd?), onvriendelijk hebben behandeld (wees zij hem af?), uitdagende outfits hebben gedragen (wilde ze hem of andere mannen versieren?) of een egoïstische carrièreplanning hebben (wilde zij meer verdienen?).  

Misogynie en gendergerelateerd geweld: een lange geschiedenis  

Als seksisme de voedingsbodem van gendergerelateerd geweld vormt, is misogynie het verbaal, online of fysiek handhaven daarvan. Misogynie zorgt ervoor dat vrouwen in een onderdanige positie blijven ten opzichte van mannen, ook door middel van (fysiek of seksueel) geweld. In Nederland krijgt meer dan 40% van de vrouwen ooit in haar leven te maken met fysiek of seksueel geweld (EIGE,2024) en wereldwijd is dat een op de drie vrouwen. Gendergerelateerd geweld kent vele vormen, van straatintimidatie en alledaagse seksistische microagressies tot seksuele intimidatie en femicide. 

Misogynie is natuurlijk geen recent fenomeen, maar is diepgeworteld in de westerse geschiedenis en cultuur. Al sinds de Romeinse tijd (II eeuw a.d.) bezat de pater familias (het mannelijke hoofd van het huishouden) het jus corrigendi: het zogenoemde correctierecht of disciplinair gezag (Buono, 2026). Dit recht kon zich zowel verbaal als fysiek uiten en gold ten aanzien van alle gezinsleden – vrouw, kinderen en slaven. Het was een juridisch en cultureel erkende bevestiging van de mannelijke superioriteit. Met verschillen en nuances heeft dit mannelijke gezag over vrouwen en kinderen zich voortgezet tot ver in de twintigste eeuw. Wat achter de voordeur gebeurde werd gezien als een privékwestie. Vrouwen beschikten vaak over weinig economische en juridische autonomie en hadden beperkte mogelijkheden om zich te onttrekken aan geweld. Volgens historicus Savien Hoeks (2024), is de heksenvervolgingen tussen de vijftiende en zeventiende eeuw een treffend historisch voorbeeld van systematisch geweld tegen vrouwen. Honderdduizenden vrouwen werden van hekserij beschuldigd en vervolgd, vaak met de dood als gevolg (ongeveer 60 duizend in Europa). Het ging regelmatig om alleenstaande vrouwen, weduwen, vroedvrouwen, kruidenvrouwen en andere vrouwen die afweken van de gendernormen van hun tijd.  

In de jaren vijftig en zestig van de vorige eeuw veranderde geleidelijk de positie van de vrouw in de maatschappij. Vrouwen gingen een steeds meer zichtbare rol spelen in de publieke sfeer, onder meer door hun toenemende opleidingsniveau en deelname aan de arbeidsmarkt. Vrouwen begonnen nadrukkelijker hun rechten op te eisen. In 1956 werd, mede dankzij feminist en Tweede Kamerlid Corry Tendeloo, het verbod op arbeid van gehuwde vrouwen bij de overheid afgeschaft (Tijhaar, 2023). Machtsverhoudingen tussen mannen en vrouwen, zowel binnen als buiten het gezin, werden met de tweede feministische golf openlijk ter discussie gesteld; op straat, in de media en in de politiek. Geweld tegen vrouwen werd in het publieke debat niet langer gezien als een individueel of relationeel probleem, maar als een structureel maatschappelijk vraagstuk, waarover steeds meer kennis werd opgedaan. Deze maatschappelijke en politieke druk leidde in 1991 tot een juridisch kantelpunt: de strafbaarstelling van verkrachting binnen het huwelijk. Tot dat moment gold gedwongen seks binnen het huwelijk niet als strafbaar feit; de echtgenoot bezat feitelijk zeggenschap over het lichaam van zijn vrouw. Toch zijn misogynie en gendergerelateerd geweld ook decennia later nog altijd diepgeworteld in de Nederlandse samenleving. Tegelijkertijd neemt misogynie nieuwe vormen aan, mede onder invloed van technologische ontwikkelingen. 

Misogynie online 

In de afgelopen decennia heeft de publieke sfeer zich steeds verder naar het digitale domein verplaatst. Ook daar manifesteert misogynie zich nadrukkelijk. Hoe meer vrouwen online zichtbaar zijn; in de politiek, het publieke debat of bedrijfsleven, hoe talrijker de pogingen om ze te ondermijnen. Uit een grootschalige studie van Plan International (2025) blijkt dat vrouwen en jonge meiden disproportioneel vaak slachtoffer zijn van online haat en intimidatie, ten opzichte van (jonge) mannen. Wereldwijd krijgt 58% van alle meiden tussen 15 en 25 te maken met online intimidatie.  

Professor Emma A. Jane stelt in Misogyny Online: A Short (and Brutish) History (2017) dat het internet seksisme weliswaar niet heeft uitgevonden, maar het wel op een ongekende schaal versterkt en verspreid. Volgens haar is misogynie daardoor als het ware viraal gegaan. Online misogynie uit zich voornamelijk in verbale aanvallen (bijvoorbeeld schelden, verkrachting of zelfs moord bedreigingen), maar de consequenties reiken veel verder dan het digitale domein. Slachtoffers melden onder meer angstgevoelens, stress, slaapproblemen, en gevoelens van onveiligheid, voor zowel voor zichzelf als voor hun naasten.  

Een groep vrouwen die bijzonder zwaar wordt getroffen door online haat zijn vrouwelijke politici. Uit onderzoek blijkt dat online haat en geweld tegen vrouwelijke politici in Nederland wijdverbreid zijn: ongeveer tien procent van de tweets gericht aan vrouwelijke politici bevat haat of agressie, waarbij vrouwen van kleur het vaakst worden getroffen (Saris en van de Ven, 2021). Onderzoek van Atria en Ipsos I&O uit 2022 liet zien dat 47% van de vrouwelijke politici in het lokale bestuur in Nederland online agressie of geweld heeft meegemaakt in de afgelopen twaalf maanden, tegenover 35% van de mannen. Een op de tien vrouwelijke politici overweegt hierdoor te stoppen met hun politieke activiteiten. 

Onderzoek via focusgroepen met jonge vrouwen met politieke ambities laat zien dat het waarnemen van dit geweld meestal een afschrikkend effect heeft. Deelnemers noemen online en offline bedreigingen, constante zichtbaarheid en beoordeling op uiterlijk in plaats van inhoud als belangrijke obstakels. Vooral vrouwen van kleur ervaren een combinatie van seksisme en racisme (Runderkamp et al. 2023).  

In haar onderzoekrapport Monetizing Misogyny over online haat tegen vrouwen in de politiek concludeert Lucina Di Meco (2023) dat deze vorm van misogynie niet alleen individuele vrouwen treft, maar ook bredere democratische gevolgen heeft. Online haat beïnvloedt de bereidheid van vrouwen om zichtbaar te zijn in het publieke domein, zich vrijuit uit te spreken en actief deel te nemen aan het maatschappelijk debat. 

Misogynie en de manosphere 

Een recent fenomeen waarin misogynie zich online manifesteert en verspreidt, is de zogenoemde manosphere. Dit is een parapluterm voor een verzameling online gemeenschappen, netwerken en groepen waarin mannen met elkaar in contact staan en content van zogenoemde manfluencers consumeren en delen (Ardon, 2025). Deze content richt zich vaak op onderwerpen als mannelijkheid, genderverhoudingen, rijkdom, succes, fitness en zelfontwikkeling. Binnen de manosphere leeft de overtuiging dat het feminisme en de emancipatie van vrouwen hebben geleid tot een verlies van mannelijke status en invloed. De frustratie van mannen over het verlies van macht en status in de samenleving krijgt een online platform dat sinds de jaren 00 verder is gegroeid. Vanuit dit perspectief worden mannen aangemoedigd zich te verzetten tegen deze maatschappelijke ontwikkelingen en te streven naar het herstel van traditionele machtsverhoudingen tussen mannen en vrouwen. De voedingsbodem van de manosphere is een gevarieerde mix van misogynie, hegemonische of toxische masculiniteit en homo- en transfobe opvattingen (Dekker et al., 2025). Hegemonische masculiniteit is het ideaal van mannelijkheid waarin eigenschappen zoals dominantie, autoriteit, en fysieke of sociale kracht worden gewaardeerd en boven vrouwelijkheid worden geplaatst. Binnen deze overtuigingen over mannelijkheid zit ook een rangorde wat als zeer mannelijk of helemaal niet mannelijk wordt beschouwd. Toxische masculiniteit verwijst naar de schadelijke uitwassen daarvan, zoals agressie, onderdrukking van emoties en kwetsbaarheid. Hoewel de relatie tussen de misogynie binnen de manosphereen fysiek geweld nog verder onderzocht moet worden, wijzen recente studies erop dat een groeiend aantal daders van seksueel geweld en femicide in aanraking is geweest met ideeën en netwerken uit de manosphere (Regehr, 2022; Ministerie van Justitie, 2019). 

Jonge mannen vormen een belangrijke doelgroep van algoritmisch aangestuurde manosphere content. Onderzoek laat zien dat sociale media, algoritmes en AI misogyn zijn en bestaande genderstereotypen, ongelijke machtsverhoudingen en seksisme versterken (Copley et al., 2025). Zo komen jongens op sociale media binnen enkele klikken bij datingcoaches, crypto-influencers en andere contentmakers die misogyne of antifeministische opvattingen verspreiden terecht (Goldberg et. Al., 2025). Onderzoek suggereert bovendien dat bepaalde sociale en persoonlijke omstandigheden de vatbaarheid voor manosphere content vergroten. Factoren zoals schooluitval, eenzaamheid, problematisch alcohol- of drugsgebruik en psychische problemen worden regelmatig in verband gebracht met de aantrekkingskracht van deze onlinegemeenschappen. Onderzoekers van Atria voeren momenteel, samen met collega's van Rutgers en COC Nederland, onderzoek uit naar dit thema binnen het programma Act4Respect. 

Misogynie, ‘gender ideologie’ en de anti-genderbeweging  

Misogynie is vaak gericht op vrouwen, maar niet uitsluitend. Als handhavingsmechanisme van een patriarchale en binair-heteronormatieve orde, richt misogynie niet alleen tegen vrouwenemancipatie, maar ook lhbti+-emancipatie en de zogenoemde gender ideologie. De ‘gender ideologie’ is een pejoratief verzamelterm gemunt in misogyne kringen, waarmee uiteenlopende emancipatoire ontwikkelingen (zoals gendergelijkheid, feminisme, seksuele en reproductieve rechten en lhbti+-emancipatie) als een bedreiging worden voorgesteld. Voor misogynen bestaan alleen mannen en vrouwen en niets daartussenin, en hun machtsverhouding hoort traditioneel hiërarchisch te blijven met de vrouw als ondergeschikt aan de man. In hun ogen bedreigen emancipatie- en feministische bewegingen de traditionele gezinsvormen, conservatieve genderrollen en patriarchale machtsverhoudingen (Korolczuk, 2025). 

Er bestaat een internationale beweging en gecoördineerd netwerk van groepen die zich verzetten tegen gendergelijkheid en diversiteit: de anti-gender beweging, die graag traditionele, binaire en heteronormatieve rollen en duidelijke verschillen tussen man en vrouw wilt beschermen. De anti-genderbeweging en gedachtegoed bestaat al sinds de jaren 90, en is door internet en sociale media steeds zichtbaarder en mainstream geworden.  

Onderzoek laat zien dat de anti-gender beweging functioneert in een kader waarin vrouwen, feministen en lhbti+-personen worden voorgesteld als een bedreiging voor de (traditionele, patriarchale) samenleving (Wolf en Hell, 2022). Misogynie is daarbij niet slechts een neveneffect van anti-genderpolitiek, maar een mechanisme waarmee vrouwen die bestaande machtsstructuren uitdagen worden gedisciplineerd, gestigmatiseerd of uit het publieke debat worden geweerd. 

 De anti-genderbeweging, waarin het Vaticaan sinds de jaren negentig een belangrijke transnationale rol speelt, is de afgelopen decennia uitgegroeid tot een goed georganiseerde en internationaal gefinancierde politieke kracht. De beweging verenigt uiteenlopende conservatieve, religieuze en radicaal-rechtse actoren rond verzet tegen wat zij aanduiden als ‘genderideologie’ en de vermeende ‘lhbti+-lobby’.  

Rechts-populistische leiders fungeren vaak als de publieke woordvoerders van deze agenda. Een bekend voorbeeld is Giorgia Meloni. Tijdens een toespraak tegen de progressieve regering die open stond voor lhbti+-rechten, verklaarde zij in 2019: “Ik ben Giorgia, ik ben een vrouw, ik ben een moeder, ik ben Italiaans, ik ben een christelijk. En dat zullen ze niet van mij afpakken!” (Meloni, 2019, vertaling van de auteur). Met deze boodschap presenteerde zij zichzelf als een sterke vrouw, maar tegelijk als de belichaming van traditionele normen rond vrouwelijkheid, moederschap, gezin en nationale identiteit. Enkele jaren later heeft haar regering een ultraconservatieve ‘Minister van het Gezin, Nataliteit en Gelijke Kansen’ genomineerd, Eugenia Roccella, die nauw samenwerkt met het Vaticaan.  

 Nogmaals helpt het perspectief van Kate Manne te verklaren hoe misogynie werkt, onder andere binnen de anti-genderbeweging. Misogynie is niet simpelweg haat tegen vrouwen (Meloni is zelf trots om een vrouw te zijn), maar het mechanisme waarmee patriarchale normen worden gehandhaafd. De anti-gender beweging is in Italië (en veel andere conservatieve landen) aan de macht, misogynie is hun taal en disciplinerende macht (Lavizzari, 2025).  

Conclusie 

De vele gezichten van misogynie laten zien dat dit fenomeen zich niet beperkt tot vrouwenhaat. Misogynie zit in de reacties op vrouwen die niet-conform traditionele gendernormen leven of zich gedragen, in online intimidatie, in de manosphere en in bewegingen die gender-emancipatie als een bedreiging voorstellen. Het wordt tijd dat de Van Dale de definitie van misogynie aanpast aan deze werkelijkheid.  

Subscribe to our newsletter

We use cookies to improve our website and analyze how it is used. You can choose to accept all cookies or customize your preferences.