Suze Groeneweg, de eerste vrouw in de Tweede Kamer

special Suze Groeneweg, de eerste vrouw in de Tweede Kamer

Op 17 september 1918 nam de allereerste vrouw in de Tweede Kamer plaats: Suze Groeneweg. Tien dagen later, op 27 september, werd zij officieel geïnstalleerd. Groeneweg was bij de verkiezingen voor de Tweede Kamer gekozen door alleen mannen. Er was namelijk nog geen algemeen vrouwenkiesrecht, vrouwen mochten zich wel verkiesbaar stellen, maar nog niet zelf stemmen.

Wie was Suze Groeneweg?

portret suze groeneweg

Portret van Suze Groeneweg, © onbekend, Collectie IAV – Atria

Suze Groeneweg werd op 4 maart 1875 geboren in een eenvoudig landarbeidersgezin in het Zuid-Hollandse dorp Strijensas. Ze had twee broers en twee zussen. Haar moeder zorgde dat ze verder kon leren. Na het behalen van de akte voor onderwijzer, ging Groeneweg onderwijs geven in verschillende plaatsen. Als onderwijzer werd ze vaak geconfronteerd met de gevolgen van armoede en drankmisbruik in gezinnen. In 1903 ging ze naar Rotterdam. Groeneweg kreeg belangstelling voor politiek en vakbeweging. Ze sloot zich aan bij de Bond van Nederlandsche Onderwijzers en werd actief in de Nederlandsche Vereeniging tot Afschaffing van Alcoholhoudende Dranken. En ze werd lid van de Sociaal-Democratische Arbeiderspartij (SDAP) in 1903 en begon al gauw te spreken op openbare vergaderingen. In 1914 trad ze toe tot het partijbestuur.

Als SDAP-lid richtte ze zich met name op arbeidersvrouwen en –mannen, en het belang van vrouwenkiesrecht voor beiden. Ze was ervan overtuigd dat de vrouwen zouden leren het kiesrecht te gebruiken voor dezelfde doelen als de mannen in loondienst.

Zeker, ook onder de vrouwen zullen er gevonden worden van het slag als de mannelijke sukkels uit de Roomsch-Katholieke Geitenfokkerij en de Augurkenbond op Christelijke Grondslag. Maar evenals de mannen zullen zij mèt de uitoefening van hun kiesrecht belangstelling krijgen in het politieke leven van hun kandidaat en afgevaardigde.

Bron: Het algemeen vrouwenkiesrecht een mannenbelang (1915)

De eerste gekozen vrouw

Bij de verkiezingen op 3 juli 1918 kreeg Suze Groeneweg 569 stemmen, allemaal van mannen, omdat vrouwen nog niet mochten stemmen. Ze had het te danken aan de vele overdrachtsstemmen van de mannen vóór haar op de SDAP-lijst dat ze als enige vrouw in de Tweede Kamer kwam. Aletta Jacobs (Vrijzinnig-Democratische Bond (VDB)) lukte dat niet, terwijl zij meer dan drie keer zoveel stemmen kreeg. Een kandidaat van de VDB die lager op de lijst stond, kreeg zoveel voorkeursstemmen dat hij plaats mocht nemen in de Tweede Kamer.

Als een kachel zonder kolen, is een Kamer zonder Vrouw

omslag lied de eerste vrouw in de tweede kamer

Ter ere van Groenewegs verkiezing maakte Hens Clinge Doorenbos een lied, geïllustreerd door Willy Sluiter.

Mannen! Past nu op je tellen,
Hou je zinnen bij elkaar!
Denk maar eens aan Jeanne d’Arc
of Kenau Simons Hasselaar.
Mannen van de Tweede Kamer,
Jullie zijn niet meer alleen,
Wanhoop niet, want je staat toch nog
Bijna honderd tegen één.

Met als refrein:

Als een kachel zonder kolen,
Als een haantje zonder hen
Als een huisvrouw zonder zeepbon,
Als een meisje zonder hèm,
Als een Zondag zonder voetbal,
Als een trouwdag zonder trouw,
Als een Laren zonder two-step,
Is een Kamer zonder Vrouw

De eerste vrouw in de Tweede Kamer

17 september 1918 was de eerste dag na het zomerreces van de Tweede Kamer en de eerste dag dat Suze Groeneweg in de Tweede Kamer mocht plaatsnemen. Ze had een eigen kleedkamer en toilet gekregen, omdat het Kamergebouw op mannen was ingericht. De gang ernaartoe werd het ‘Groenewegje’ genoemd.

Tien dagen later, op 27 september, werden alle leden in de Tweede Kamer officieel geïnstalleerd. Een bijzondere dag omdat op deze dag ook het kamerlid Marchant zijn initiatiefwetsvoorstel indiende dat regelde dat vrouwen ook het actief kiesrecht zouden krijgen en hun stem konden uitbrengen.

Op 7 november 1918 spreekt Groeneweg voor het eerst in de Tweede Kamer, over het militaire beleid. Ze begint haar maidenspeech met de woorden:

Mijnheer de Voorzitter! Nu zich het historische feit voltrekt, dat voor de eerste maal een vrouw het woord zal voeren in ’s lands vergaderzaal, gevoel ik wel zeer sterk de verantwoordelijkheid, die mij opgelegd werd, toen mij de hooge eer te beurt viel als draagster van deze geschiedkundige gebeurtenis hier binnen te treden.

Ze bedankt de voorzitter van de Tweede Kamer voor de vriendelijke woorden “ter verwelkoming van de Nederlandsche vrouw in dezen kring.” Het ontgaat haar niet dat niet iedereen instemt met het welkomstwoord.

Waar zette Suze Groeneweg zich voor in?

propaganda-voor-sdap-suze-groeneweg-voert-het-woord

Propaganda voor de SDAP. Bijschrift ‘Suze voert het woord’. © onbekend, Collectie IAV – Atria

Suze Groeneweg hield zich in de Tweede Kamer vooral bezig met onderwijs, drankbestrijding, zuigelingen- en moederschapszorg, rechten van vrouwen en ontwapening.

Wij meenen, dat de ouders meer dan tot nog toe hun zorgen aan hun kinderen moeten wijden. Daarom ijverden wij ook voor een verkorten werkdag voor den vader, om hem tijd te geven in zijn gezin te leven.

Bron: Het moederschap in eere!

Suze Groeneweg pleitte voor een wettelijke verlofregeling bij zwangerschap en bevalling voor alle vrouwen en diende in 1919 bíj de behandeling van de Begroting van Sociale Zaken een motie in waarin zij vraagt om “zoo spoedig mogelijk maatregelen te treffen om te komen tot een premievrije uitkeering bij zwangerschap of bevalling aan alle vrouwen, die deze noodig hebben om naar behooren haar moederlijke functie te vervullen.” In de jaren daarop kwam ze steeds op de wettelijke regeling voor moederschapszorg terug.
Pas in 1929 kwam een regeling tot stand, maar die beschouwde zwangerschap en bevalling als ‘ziekte’ en bracht vrouwen onder in de ziektewet. De confessionele partijen zorgden er nog voor dat het alleen gold voor gehuwde vrouwen.

Naast haar werk in de Tweede Kamer kwam Suze Groeneweg in 1919 in de gemeenteraad van Rotterdam en in de Provinciale Staten van Zuid-Holland. Ze bleef 19 jaar in de Tweede Kamer, tot de verkiezingen van 1937. Toen beëindigde ze haar Kamerlidmaatschap vanwege een ziekte, die invaliditeit tot gevolg had. Suze Groeneweg overleed in Barendrecht op 19 oktober 1940.

Haar naam leeft nog voort in de Suze Groenewegschool, het opleidingsinstituut van de PvdA, en de vele straatnamen. In de Tweede Kamer is een van de vergaderzalen vernoemd naar Suze Groeneweg en op 27 september 2018 is een borstbeeld van haar onthuld.

Bronnen

Publicaties van Suze Groeneweg

Publicaties over Suze Groeneweg

Lees verder

Delen:

Gerelateerde artikelen