De afgelopen jaren is er veel veranderd als het gaat om acceptatie van verschillen tussen mensen en gelijke rechten. Denk aan meer aandacht voor gendergelijkheid, de rechten van lhbti+ personen en openheid over seksualiteit. Veel mensen ervaren deze ontwikkelingen als een stap vooruit. Toch is er ook een groeiende beweging die zich hier juist tegen verzet: de anti-genderbeweging. In dit artikel wordt uitgelegd wat de anti-genderbeweging precies is, waar deze vandaan komt en hoe de beweging te werk gaat.
De afgelopen jaren is er veel veranderd als het gaat om acceptatie van verschillen tussen mensen en gelijke rechten. Denk aan meer aandacht voor gendergelijkheid, de rechten van lhbti+ personen en openheid over seksualiteit. Veel mensen ervaren deze ontwikkelingen als een stap vooruit. Toch is er ook een groeiende beweging die zich hier juist tegen verzet: de anti-genderbeweging. In dit artikel wordt uitgelegd wat de anti-genderbeweging precies is, waar deze vandaan komt en hoe de beweging te werk gaat.
Wat deze beweging opvallend maakt, is dat ze niet alleen lokaal actief zijn, maar ook wereldwijd samenwerken. Met campagnes, politieke invloed en het verspreiden van desinformatie proberen ze mensen te overtuigen van hun standpunten.
Wat is de anti-genderbeweging?
De anti-genderbeweging is een internationale beweging van verschillende conservatieve groepen die zich verzetten tegen ideeën over gendergelijkheid en diversiteit. Het gaat om een breed netwerk van onder andere radicaal-rechtse politici, politieke partijen, religieuze en maatschappelijke organisaties, wetenschappers, financiers en opiniemakers. Hoewel deze groepen niet allemaal hetzelfde zijn, delen ze een gezamenlijke visie: ze willen een samenleving behouden of herstellen waarin traditionele rollen centraal staan, met het gezin als basis en duidelijke verschillen tussen mannen en vrouwen.
Volgens onderzoekers die de anti-genderbeweging bestuderen, David Paternotte en Neil Datta, is het misleidend om deze beweging te zien als een reactie op emancipatie (Botje, 2025). In plaats daarvan gebruiken deze groepen het begrip 'genderideologie' (term voor alles wat volgens hen mis is met gender) strategisch om hun eigen politieke en maatschappelijke doelen te bereiken. Daarbij verspreidt de beweging het idee dat emancipatie en het denken over gender en diversiteit te ver zijn doorgeschoten. Emancipatie wordt geframed als een nulsomspel: de vooruitgang van de ene groep gaat ten koste van de andere. Daarnaast zouden door het verwerven van rechten voor de één, andere rechten worden bedreigd, zoals de vrijheid van meningsuiting en 'mannenrechten'.
De beweging is beter te begrijpen als een vorm van mobilisatie en campagnevoering. Het gaat hier namelijk niet om een lokaal fenomeen, maar om een internationale beweging die mensen en groepen mobiliseert tegen gender, seksuele gelijkheid en diversiteit (Kuhar & Paternotte, 2017).
De anti-genderbeweging zet de aanval in op verschillende onderwerpen, zoals:
gender en gendergelijkheid
seksuele en reproductieve rechten, waaronder anticonceptie en abortus
lhbti+ rechten
mensenrechten en diversiteits- en inclusiebeleid
rechten voor kinderen
wetten tegen discriminatie en haatzaaien
‘Genderideologie’
Een belangrijk begrip binnen de beweging is ‘genderideologie’. Dit is geen duidelijk afgebakend begrip, maar een verzamelnaam voor alles wat volgens de beweging mis is met moderne ideeën over gender en diversiteit. Juist omdat het begrip ‘genderideologie’ zo vaag is en ruimte laat voor interpretatie, kan het flexibel worden gebruikt in verschillende situaties.
De beweging verzet zich tegen het idee dat gender meer is dan alleen biologisch geslacht. Er wordt van een binaire visie uitgegaan: er zijn mannen en vrouwen, en die hebben ieder hun eigen rol, waarbij de vrouw als ondergeschikt aan de man wordt gezien.
Het ontstaan van de anti-genderbeweging
De wortels van de anti-genderbeweging liggen in de jaren negentig. In die periode vonden belangrijke internationale conferenties plaats, zoals in Caïro (1994) en de Wereldvrouwenconferentie in Beijing (1995), waar afspraken werden gemaakt over vrouwenrechten en seksuele en reproductieve gezondheid en rechten. Conservatieve groepen, geleid door het Vaticaan, verzetten zich tegen deze ontwikkelingen omdat deze een bedreiging zouden vormen voor het binaire onderscheid tussen mannen en vrouwen en de patriarchale rolverdeling.
Vanaf de jaren tweeduizend groeide de beweging verder in Europa. In verschillende landen ontstonden campagnes tegen bijvoorbeeld seksuele voorlichting of het homohuwelijk. In deze jaren begint de anti-genderbeweging de term ‘genderideologie’ te gebruiken. Het begrip wordt gebruikt om twijfel en weerstand te creëren tegen nieuwe ideeën over gender en gelijkheid.
De anti-genderbeweging richt zich op het beperken van seksuele rechten, en raakt daarmee aan wat Richardson benoemt als ‘seksueel burgerschap’. Dit verwijst naar het recht om je seksueel te uiten, te genieten van seksualiteit, en toegang te hebben tot seksuele voorlichting en bescherming. Toch is burgerschap in veel landen nauw verbonden met heteroseksualiteit. Deze wordt als ‘natuurlijk’ en ‘normaal’ beschouwd, wat terugkomt in beleid en debatten over seksuele rechten. Zo ontstaat een situatie waarin afwijkingen van dit ideaal als bedreigend worden gezien (Richardson, 2000).
Sinds de jaren 2010 is de beweging nog sterker geworden, mede door de opkomst van rechts-populistische politiek. Rechts-populistische partijen en anti-genderbewegingen delen hun discours: zij waarschuwen voor het verval van tradities en familie, en zaaien morele paniek over de toekomst van kinderen (Kourou, 2020). Volgens hen is ‘genderideologie’ een product van westerse elites die de traditionele samenleving willen ontwrichten.
Desinformatie en framing
Een belangrijke strategie van de anti-genderbeweging is het gebruik van desinformatie om meningen te beïnvloeden. Dit gebeurt vaak subtiel, bijvoorbeeld door twijfel te zaaien of bepaalde onderwerpen overdreven negatief neer te zetten. De term ‘genderideologie’ speelt hierin een grote rol. Omdat het zo’n breed en vaag begrip is, kan het worden gebruikt om allerlei veranderingen in de samenleving te bekritiseren.
De verspreiding van subtiele desinformatie – vaak gepresenteerd als de stem van 'de gewone burger' – wordt door rechtse partijen overgenomen en versterkt. (Linders & Spierings, 2026) Uiteindelijk leidt dit tot een schijnbare en soms daadwerkelijke verschuiving van de sociale norm, ten nadele van iedereen die erbuiten valt.
Voorbeelden uit Nederland
Ook in Nederland zien we hoe deze strategieën werken. Een voorbeeld is de discussie rond de transgenderwet. In 2022 ontstond veel ophef door campagnes die suggereerden dat het veranderen van geslacht heel makkelijk zou worden. Dit beeld klopte niet, maar zorgde wel voor veel weerstand. Uiteindelijk werd het wetsvoorstel in 2025 ingetrokken.
Een ander voorbeeld is de controverse rond de leeftijdsgeschikte seksuele voorlichtingslessen Lentekriebels (Duin, 2024). De organisatie Civitas Christiana verspreidde online haat en desinformatie over de Lentekriebels. De anti-genderbeweging speelt hierbij bewust in op de zorgen van ouders. Wetenschappelijk onderbouwde kennis werd ondermijnd door des- en misinformatie. Uiteindelijk verloor Civitas Christiana de rechtszaak tegen Rutgers, expertisecentrum seksualiteit.
Impact op verworven rechten
De invloed van de anti-genderbeweging kan grote gevolgen hebben. Rechten die eerder zijn opgebouwd, kunnen onder druk komen te staan. Denk aan:
het recht op abortus
gelijke verdeling van werk en zorgtaken
rechten van trans personen
vrijheid om je identiteit en seksualiteit te uiten
Door het beïnvloeden van publieke opinie kan de beweging ervoor zorgen dat wat eerst vanzelfsprekend leek, opnieuw onderwerp van discussie wordt.
Internationale invloed
De anti-genderbeweging is sterk internationaal georganiseerd. Groepen werken samen over landsgrenzen heen en hebben invloed op beleid op hoog niveau, zoals binnen de Europese Unie en de Verenigde Naties. Financiering en samenwerking spelen hierbij een grote rol. Hierdoor kan de beweging wereldwijd groeien en haar ideeën verspreiden. Lees meer over hoe Atria-onderzoeker Maya Declich bij de VN-Vrouwentop in maart 2026 in aanraking kwam met de anti-genderbeweging tijdens een bijeenkomst georganiseerd door het Vaticaan.
Conclusie
De anti-genderbeweging is een brede en goed georganiseerde internationale beweging die zich verzet tegen ontwikkelingen op het gebied van gender en gelijkheid. Door slimme strategieën, zoals het gebruik van desinformatie en het inspelen op gevoelens van onzekerheid, weet zij invloed uit te oefenen op zowel de publieke opinie als het beleid.
Daarom is het belangrijk om deze beweging te begrijpen. Het gaat namelijk niet alleen om een ideologisch debat, maar ook om de vraag welke rechten en vrijheden in de toekomst behouden blijven.





